Binnenstebuiten

Boek De Blauwe DienderWanneer er grote ongelukken of criminele gebeurtenissen in ons bestaan plaatsvinden, roepen politici, bestuurders, onderzoekers en deskundigen dat de onderste steen boven moet komen en dat organisaties, bedrijven of mensen binnenstebuiten worden gekeerd om redenen te vinden voor het malheur.

Het is tijdens mijn lange politieleven slechts één keer voorgekomen dat de organisatie waar ik werkte, binnenstebuiten werd gekeerd. Figuurlijk, wel te verstaan. In 2010 nam ik deel aan een themadag met de zeer toepasselijke titel: BinnensteBuiten. Dat een gedeelte in dat woord cursief stond geschreven moest direct duidelijk maken waar het in de kern om zou gaan.

“Een dag om nooit meer te vergeten, want de aanwezige politiemensen werden op onorthodoxe wijzen geconfronteerd met de manier waarop zij met elkaar én de buitenwereld omgaan”. Deze tekst las ik na de themadag op het Intranet van de politie.

De korpsleiding was er ook. Zij liet op voorhand weten dat kwetsbaarheid een thema is om daadwerkelijk veranderingen te laten gebeuren en te stimuleren. Veranderen begint immers bij jezelf. Politiewerk is vooral mensenwerk en om als politie succesvol te zijn moeten medewerkers met passie werken. Passie is de kurk waarop alles drijft. E worden keiharde afspraken gemaakt over de te behalen targets en de daaraan verbonden bureaucratie. Dat is de harde kant. De zacht kant is de menselijkheid. Daarin zit pas de diepe essentie van het beroep verscholen. Dat laatste lijkt een beetje spiritueel, maar het hoort er volgens mij bij.

Business en spiritualiteit binnen de politie, gaan die wel samen? Voor mij wel en ook voor heel wat mensen die zich hebben opengesteld voor het nieuwe denken. Er blijkt echter slechts een relatief kleine groep mensen bereid te zijn om in elk geval een serieuze stap te zetten in de richting van verandering. De hartstochtelijke kreet in het bericht op het Intranet van het politiekorps, dat eigenlijk iedereen dit een keer moest meemaken, werd niet overal gehoord. Zover was onze politiewereld een jaar of zeven geleden nog lang niet.
Ongeveer honderdvijftig van de circa 1800 collega’s hadden zich de moeite genomen om deel te nemen aan deze dag. Reacties vanuit de zaal waren veelzijdig en dat gaf mij een goed gevoel, want zodra er geroepen werd dat de neuzen in één richting staan werd ik bevangen door het akelige gevoel dat er geen ruimte meer was voor ontwikkeling. Blijkbaar stonden er toen al vele neuzen in dezelfde richting.
De dag werd afgesloten met een debat tussen de medewerkers en de korpsleiding. Daarin kwamen zelfs emotionele momenten voor. De korpsleiding kreeg de boodschap mee door te gaan op de ingeslagen weg en ruimte te geven aan dialoog.

De vraag is bij mij blijven hangen in hoeverre die boodschap bij de medewerkers aankwam. Waarom ik mij dit afvraag? Omdat ik en ook enkele andere bezoekers van de themadag die ik de dag erna op de werkvloer trof, overspoeld werden met uitlatingen zoals:

“Zo’n themadag, dat is allemaal onzin en geldverspilling. Het zijn zoethoudertjes van de hogere legerleiding. Wat ze moeten doen, doen ze niet, ze zijn alleen maar bezig met hun eigen carrière. Ze doen toch met ons wat ze willen in deze kut-organisatie, ik zou niet weten wat ik daar zou moeten doen. Hoezo diversiteit, positieve discriminatie zul je bedoelen.”

Deze oordelen kwamen uit kelen van mensen die niet op de themadag waren geweest. Er was geen enkele schaamte, terughoudendheid of respect te herkennen. Iemand die er wel was geweest zei tegen mij dat het best interessant was geweest maar verbond aan de dialoog met de korpsleiding de kwalificatie: een hoog kotsgehalte. Hij had duidelijk twijfels over de getoonde emoties en stak die niet onder stoelen of banken.

Eerlijk is eerlijk, Jaren geleden klaagde ik ook. Het verschil met nu is dat ik gepensioneerd ben en niet meer bij de dagelijkse gang van zaken binnen de politieorganisatie betrokken ben. Klagen en kankeren deed ik sowieso al lang niet meer. Ik had zeker niet voor alles en iedereen begrip maar probeerde wel mijn best te doen om zoveel mogelijk te begrijpen. Ik ging de dialoog aan, met iedereen, van hoog tot laag. Ik heb mijn binnenkant leren kennen en die was niet perfect, zoveel is zeker.

Dat is toch een mooie winst hè?
Desondanks vraag ik me af of er anno 2017 niet opnieuw of nog steeds velen zijn die hun neus in dezelfde richting hebben staan. Wat betreft de harde kant: de bureaucratie is toegenomen en wat betreft de zachte kant: er wordt nog steeds veel geklaagd over gebrek aan menselijkheid binnen de organisatie.

Laat een bericht achter.