Sultan, de lokroep van de jihad

‘Sultan en de lokroep van de Jihad’, is een intrigerend, maar vooral bijzonder interessant boek, omdat het een heldere inkijk geeft in de hoofden van allerlei mensen die op de een of andere manier betrokken zijn bij het nauwgezette onderzoek naar de jihad van Sultan Berzel uit Maastricht, ingesteld door de journalisten Claire van Dyck en Johan van de Beek.
Vooropgesteld moet ik zeggen dat ik als oud-politieman jarenlang heb gewerkt in o.a. de wijk Wittevrouwenveld te Maastricht waar Sultan, Aïcha en andere personages uit het boek radicaliseerden. Ook in de tijd dat de jonge toekomstige strijders daar opgroeiden. Ik werkte toen o.a. als straatagent en tactisch rechercheur. In die zin bevat het boek voor mij veel herkenbare details over de samenleving en de leefbaarheid in deze volksbuurt. Ook wat betreft die van de moslimgemeenschap en hoe politiek, bestuur en betrokken organisaties wegkeken van de dreigende ontwikkeling. In mijn tijd ging het echter nog niet over IS, het kalifaat en toekomstige Nederlandse martelaars. Sultan en Aïcha waren toen bij mij en bij de politie nog niet bekend. Zij moesten nog worden geboren en opgroeien.

In mijn tijd als rechercheur is het wel voorgekomen dat ik alles waarmee ik bezig was uit de handen moest laten vallen en diende ik aan te sluiten bij de telefoontap. Er was sprake van een serieuze terreurdreiging en het onderzoek richtte zich op een groep moslims uit Geleen. De opdracht kwam rechtstreeks van het Ministerie van V&J. Ik heb toen een verdachte verhoord die later zijdelings betrokken bleek te zijn bij aanslagen in Spanje. Wat ik mij ervan kan herinneren was die kilte in zijn ogen, de haat die hij uitstraalde naar mij als gezagsdrager en vertegenwoordiger van het door hem gehate systeem. Hij wenste geen enkele verklaring af te leggen. Hij belandde niet in de gevangenis maar werd het land uitgezet.

In feite leggen de twee schrijvers bloot hoe er door jan en alleman werd weggekeken van de complexe problematiek. Als politieman ervoer ik dat in de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw ook zo. Hangjongeren, drugsverslaafden en groepen criminelen met een veelal Marokkaanse afkomst maakten ook toen de buurt onveilig en als politieorganisatie hadden wij de handen vol aan alle zaken die op ons bordje kwamen. Wij bleven ze echter keer op keer tegenkomen in verhoorkamers.
Ook die verdachten bleken zich volledig afgezet te hebben tegen ‘onze’ maatschappij en vooral tegen het gezag en de gevestigde orde. Vaak genoeg heb ik mogen ervaren hoe gesloten de moslimgemeenschap was en bleef, hoe weinig inzet er was bij de oudere generatie om te integreren en hoezeer zij de greep op hun kinderen verloren. Tegelijkertijd werkte ik op een zeer positieve manier samen met o.a. rechercheurs van Marokkaanse en Turkse afkomst. Met hun kon ik overal over praten en zodoende werd mij ook veel duidelijk over het gedrag en de houding van veel ouders en kinderen uit de moslimgemeenschap.

Toen Sultan zich in Bagdad opblies was ik al een paar jaar met pensioen en de laatste vier á vijf jaar van mijn diensttijd werkte ik niet meer op straat. Toch kwam ik, naarmate ik vorderde in het boek, tot de conclusie dat het voor mij helemaal niet verrassend was dat in de wijken van Maastricht zich jonge moslims radicaliseerden en dat zich uiteindelijk een jongen als Sultan in Bagdad opblies.
Het is daarom goed dat de twee journalisten zich zo hebben vastgebeten in dit complexe onderwerp. Zij keken niet weg, maar gingen de confrontatie aan met jongeren, ouders, imams, bestuur, onderzoekers, justitie, hulpverleners en leden van andere betrokken organisaties. Nabestaanden van Sultan wilden na de zelfmoord niet meer met de journalisten praten. Dat zegt wel iets over de geslotenheid binnen deze gemeenschap.

Kortom, een geweldig boek waarin beide onderzoeksjournalisten gedurende twee jaar vragen stelden over waarom en hoe jonge mensen de afslag Islamitische Staat namen, of uitsluiting, vervreemding, idealisme, identiteit de ingrediënten waren tot deze radicalisering en of er, na het kalifaat, een blijvend gevaar van radicalisering en terreur is in Nederland. Dit boek zou verplichte leesstof moeten zijn voor al die mensen die verantwoordelijkheid dragen voor de veiligheid van de Nederlandse samenleving in relatie tot radicalisering en islamisering.

Titel: Sultan en de lokroep van de jihad
©2017 De Limburger/Uitgeverij Balans, Amsterdam
Auteurs: Johan van de Beek en Claire van Dyck
ISBN: 97894 600 3488 6 NUR 320
Paperback
Pagina’s: 256

2 Comments

  1. Het wordt er wellicht niet beter op, Jacques. Ik vernam vanavond op tv dat de dochter van een van de vrouwen van een sultan in Dubai vermist wordt. Dat kan daar ongestraft plaatsvinden. In al die honderden jaren is er niet veel veranderd in het Midden Oosten, of het zijn Ferrari’s in plaats van kamelen…

    Reply
    • Het conservatisme viert hoogtij deze dagen, Niek. Het fundamentalisme ook, zeker in sommige delen van de wereld en diverse culturen.
      Een geruststelling: het zijn menselijke eigenschappen, dus we hoeven ons nog niet te richten tot aliens.:-)

      Reply

Laat een bericht achter.